63. TOS en Engelse taalverwerking

Inleiding

Een goede beheersing van het Engels is belangrijk om te kunnen participeren in de maatschappij. Sinds 2012 is Engels een verplicht basisschoolvak in het speciaal onderwijs aan leerlingen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Omdat deze doelgroep moeite heeft met het verwerven van de moedertaal, is het de vraag hoe zij het Engels verwerven en welke factoren daarop van invloed zijn. Deze vragen zijn onderzocht binnen de Koninklijke Auris Groep.

Inhoud

In het onderzoek zijn 27 leerlingen met een TOS uit groep 8 getest op verschillende Engelse taalvaardigheidstesten. Zij zijn vergeleken met een even grote groep kinderen uit het ORWELL-project van de Universiteit van Amsterdam: een onderzoek naar Engelse taalvaardigheid in het regulier onderwijs. De controlegroep had een dezelfde hoeveelheid Engels aanbod en vergelijkbare cognitieve vermogens.

Naast de Engelse taalvaardigheid werden de motivatie voor het leren van Engels en de hoeveelheid Engels aanbod buiten school in kaart gebracht om te bekijken welke factoren maken dat de ene leerling het Engels makkelijker verwerft dan de andere. Tenslotte werd op basis van een gesprekje in het Engels met leerlingen met TOS bekeken welke grammaticale aspecten moeilijk zijn voor hen. In deze lezing zullen de uitkomsten van dit onderzoek worden gedeeld en de implicaties worden besproken.

Toepasbaarheid

Tijdens deze lezing doet de luisteraar kennis op over de problemen van leerlingen met TOS met Engels als vreemde taal en de factoren die van invloed (kunnen) zijn op het verwerven van Engels.

Doelgroep l

Leerkrachten, IB-ers, teamleiders en ambulant dienstverleners/begeleiders, onderzoekers, beleidsmakers. Er is geen voorkennis vereist.

Verbinding met thema

Door meer zicht te krijgen op de problemen die kinderen met TOS ervaren in het leren van Engels en de factoren die daarop van invloed zijn, kan daar in de klas beter op worden ingespeeld. Daarmee kan de participatie in de internationaal gerichte samenleving bevorderd worden.

Britt Hakvoort is senior onderzoeker onderwijs bij de Koninklijke Auris Groep. Haar achtergrond ligt op het snijvlak van taalkunde, pedagogiek en psychologie. Binnen Auris richt zij zich vooral op hoe we het onderwijs aan kinderen met een taalontwikkelingsstoornis kunnen verbeteren en hoe we leerkrachten hierin kunnen ondersteunen.

Ascha van Oene is masterstudente aan de Rijksuniversiteit Groningen. Naast de master Neurolinguïstiek is ze in deeltijd werkzaam als kwaliteitsmedewerker en logopedist binnen een vrije vestiging. Tijdens de masterstage bij het audiologisch centrum (AC) en spraak en taalambulatorium (STA) heeft ze ervaring opgedaan met kinderen met TOS.

Iris Duinmeijer is taalkundige/klinisch linguïst en is gepromoveerd op de grammaticale problemen van oudere kinderen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Ze doet als senior onderzoeker bij de Koninklijke Auris Groep vooral onderzoek naar het onderwijs aan kinderen met een TOS.